NEN-EN 1176, NEN-EN 1177 Speeltoestellen

In het Warenwet besluit Attractie en speeltoestellen vastgelegd dat eigenaren/exploitanten zoals scholen, gemeenten, speeltuinen, bedrijven en bijvoorbeeld BSO’s verantwoordelijk zijn voor het in goede staat houden van hun speeltoestellen en wel zodanig dat de veiligheid en gezondheid van gebruikers niet in het geding zijn. De normen die bepalen wat er wordt verstaan onder een veilig speeltoestel zijn vastgelegd in de normen NEN-EN 1176 en NEN-EN 1177.

Naast de verantwoordelijkheid die u hebt als werkgever voor uw medewerkers bent u ook (persoonlijk) juridisch aansprakelijk voor de gevolgen van ongevallen -met of zonder blijvend letsel- . Daarnaast eisen veel verzekeringsmaatschappijen in hun polis voorwaarden dat de speeltoestellen periodiek gekeurd worden.

De periodieke inspectie van speeltoestellen is een wettelijke verplichting en dient periodiek te worden uitgevoerd. Een risico analyse is bepalend voor de interval. Speeltoestellen dienen in de regel een keer per jaar te worden geïnspecteerd.

Werkwijze Barnett:

De speeltoestellen worden geïnspecteerd op zowel veiligheid als functionaliteit.;

    – Staat van de ondergrond (indien gewenst een HIC-meting).
    – Aanwezigheid van houtrot of corrosie.
    – Controle op loszittende delen.
    – Controle op aanwezigheid van scherpe delen etc.

U ontvangt van ons per speeltoestel een inspectierapport dat is opgebouwd in 3 delen;

1e deel betreft een beschrijving van het speeltoestel.

2e deel betreft een beschrijving van de staat waarin het speeltoestel zicht bevind.

3e deel betreft een overzicht van bevindingen, gebreken en aanbevelingen.

Na de inspectie ontvang u van ons digitaal een uitgebreid rapport en het eventuele certificaat van goedkeuring in PDF formaat.